Aanmeldingen voor het SIN examen dienen uiterlijk 7 dagen voor het examen, via de aanmeldingspagina, binnen te zijn.
Kandidaten dienen met een gezonde, valide hond op het examen te verschijnen.
De hond dient gevaccineerd te zijn tegen de, in Nederland gangbare, ziekteverwekkers.
De conditie van de kandidaten dient voldoende te zijn om met goed gevolg te kunnen deelnemen aan een inzet..
Kandidaten dienen een half uur voor aanvang van het examen aanwezig te zijn.
Gedurende het examen dienen kandidaten zich te onderwerpen aan de door de SELCO gestelde regels.
In de regel worden de kandidaten pas na afloop van het hele examen op de hoogte gesteld van de uitslag.
Kandidaten en/of de organisaties waarbij zij zijn aangesloten dienen er mede voor te zorgen dat op hun examen voldoende slachtoffers aanwezig zijn.
Kandidaten dienen vanaf het begin tot en met het einde van het hele examen aanwezig te zijn.
Kandidaten die het examen met goed gevolg hebben afgelegd worden op de inzetlijst geplaatst.
Plaatsing op de inzetlijst geeft geen recht tot inzet.
Personen die op de inzetlijst zijn geplaatst dienen de Inzet Commissie op de hoogte te houden van hun inzetbaarheid.
Het behaalde certificaat heeft een geldigheidsduur van maximaal 4 jaar. Van geleiders met een geldig certificaat wordt verwacht dat zij een maal per jaar deelnemen aan een gemeenschappelijke oefening.
Nadat de geldigheidsduur is verlopen dient men opnieuw op examen gaan.
Indien een inzetbaar team bij twee opeenvolgende herhalingsexamens niet slaagt dan wordt dit team van de inzetlijst geschrapt.
Een hond kan maximaal drie keer voor een examen voorgebracht worden.
DOEL Het opzoeken en het verwijzen van 1 tot en met 4 liggende/zittende levend slachtoffers in een bosrijke omgeving. De slachtoffers mogen niet in het zicht van de geleider of de hond liggen maar dienen wel bereikbaar te zijn voor de hond.
TERREIN 2 tot 3 Ha.
TIJD 40 minuten.
AFLEIDING Tijdens het zoeken loopt er een persoon met aangelijnde hond (geen vechtersbaas) op niet hinderlijke wijze in het zoekgebied. In het zoekgebied worden verleidingen in de vorm van (mensen) voedsel en kleding die menselijke geur bevat aangebracht. De verleidingen worden zodanig aangebracht dat er geen misverstand kan bestaan of de hond een slachtoffer verwijst dan wel verleiding verwijst. De minimale afstand tussen een slachtoffer en de verleiding dient 10 meter te bedragen!
VERWIJZEN Blaffen, bringselen, leegverwijzen.De methode van
verwijzen wordt door de geleider vooraf
aan de begeleidende keurmeester doorgegeven.
ZOEKWERK
HOND
De hond dient temperamentvol, aanhoudend, opgepaste afstand, zelfstandig te zoeken al is het toegestaan dat de geleider de hond een moeilijk begaanbaar gebied instuurt. De hond dient te tonen dat hij in een moeilijk begaanbaar gebied kan werken en dat hij bovendien onder controle van de geleider is!
Plassen , poepen en of eten van de verleiding
wordt bestraft met het in mindering brengen van
punten bij de gehoorzaamheid. Dit ter beoordeling van de keuringscommissie.
WERKWIJZE
EN UITRUSTING VAN GELEIDER
De geleider zal in de volgende uitrusting moeten verschijnen: Overall,
stevig schoeisel, handschoenen, notitieboekje, kompas, water voor de hond.
Voordat de geleider met zoeken begint
dient hij aan de begeleidende keurmeester de voor hem noodzakelijke informatie te vragen.
Aan de hand hiervan dient hij een zoekplan te maken en dit aan de
keurmeester kenbaar te maken. Hij dient tijdens het werk te laten zien dat hij
dit zoekplan ook uitvoert of aan te
geven waarom hij hiervan afwijkt. Het zoekplan en de uitvoering dient aan inzet
eisen te voldoen. Onvoldoende score voor de uitvoering (minimaal 4 punten)
leidt tot afwijzing van de combinatie!!
De geleider zal door zijn manier
van werken duidelijk moeten maken dat hij ruime kennis en ervaring heeft van
het vlakte zoeken en de mogelijkheden van zijn hond kent. Dit zal beoordeeld
worden aan de hand van het zelfvertrouwen
en samenwerking dat het team uitstraalt en aan de hand van de conditie en stressbestendigheid van de
geleider.
VERWIJZEN
Alle slachtoffers moeten
gevonden en zelfstandig verwezen worden!! Honden die aan het slachtoffer
snuffelen en/of binnen een straal van 50 cm van het slachtoffer komen
moeten dit slachtoffer op de vooraf aan de keurmeester aangegeven wijze verwijzen. Gebeurt
dit niet dan leidt dit direct tot afwijzen van de combinatie.
Voordat de geleider op de
verwijzing ingaat moet hij dit aan
de keurmeester duidelijk maken!! Nodeloos verwijzen van de hond (bedoeld wordt opnemen bringsel,
blaffen of leegverwijzen) buiten een straal van 5 meter van de geleider en buiten een straal van 5 meter van
het slachtoffer leidt direct (reeds bij de eerste keer) tot zakken van de
combinatie.
Nodeloosverwijzen
van de geleider leidt direct (reeds bij de eerste keer) tot
afwijzing van de combinatie.
Verwijzenvan een verleiding leidt direct tot het afwijzing van de
combinatie.
BLAFFEN De hond dient binnen een straal van 2 meter van het
slachtoffer te blijven totdat de geleider bij het slachtoffer is.
BRINGSELEN De hond dient het
bringsel op te nemen en naar de geleider te brengen. Vervolgens dient de hond
de geleider direct naar het
slachtoffer te brengen.
LEEGVERWIJZEN De geleider dient van te voren aan de begeleidende keurmeester duidelijk te maken welk gedrag van zijn hond als verwijzing dient te worden aan gemerkt.
Indien de hond blaffend dan wel middels
leegverwijzen verwijst mag hij geen halsband dragen!
|
PUNTEN HOND: |
|
PUNTEN GELEIDER: |
|
||||||||
|
1 Temperament |
g |
6 |
|
|
1 Uitrusting |
g |
6 |
|
|
||
|
|
m |
3 |
|
|
|
m |
3 |
|
|
||
|
|
s |
1 |
|
|
|
s |
1 |
|
|
||
|
2 Conditie |
g |
6 |
|
|
2 Probleem analyse |
g |
6 |
|
|
||
|
|
m |
3 |
|
|
|
m |
3 |
|
|
||
|
|
s |
1 |
|
|
|
s |
1 |
|
|
||
|
3 Afstand geleider |
g |
6 |
|
|
3 Conclusie |
g |
6 |
|
|
||
|
|
m |
3 |
|
|
|
m |
3 |
|
|
||
|
|
s |
1 |
|
|
|
s |
1 |
|
|
||
|
4 Zelfstandigheid |
g |
6 |
|
|
4. Uitvoering |
g |
6 |
|
|
||
|
|
m |
3 |
|
|
|
m |
3 |
|
|
||
|
|
s |
1 |
|
|
|
s |
1 |
|
|
||
|
5 Behendigheid |
g |
6 |
|
|
5 Conditie |
g |
6 |
|
|
||
|
|
m |
3 |
|
|
|
m |
3 |
|
|
||
|
|
s |
1 |
|
|
|
s |
1 |
|
|
||
|
6 Gehoorzaamheid |
g |
6 |
|
|
6 Vertrouwen in hond |
g |
6 |
|
|
||
|
|
m |
3 |
|
|
|
m |
3 |
|
|
||
|
|
s |
1 |
|
|
|
s |
1 |
|
|
||
VERWIJZING:
|
|
BRINGSEL |
BLAFFEN |
LEEGVERWIJZEN |
pt |
|
1 |
Zoeken en vinden |
Zoeken en vinden |
Zoeken en vinden |
3 |
|
2 |
Bringsel pakken |
minimaal 2x blaffen |
Naar de geleider en gedrag vertonen |
2 |
|
3 |
Bringsel brengen |
minimaal 4x blaffen |
Geleider herkent het gedrag |
2 |
|
4 |
Laat zien |
aanhoudend blaffen |
Laat zien |
3 |
SCORE:
De minimale puntenscore om te slagen is: Minimaal 6 punten per slachtoffer. Minimaal 18 punten voor de beoordeling van de hond. Minimaal 18 punten voor de beoordeling van de geleider. Minimaal 4 punten voor de uitvoering van het zoekplan. Minimaal 2 punten bij het onderdeel gehoorzaamheid.
DOEL Het opzoeken en het verwijzen van 2 liggende/zittende OVERLEDEN slachtoffers en 1 zittend/liggend levend slachtoffer in een bosrijke omgeving. De slachtoffers mogen niet in het zicht van de geleider of de hond liggen maar dienen wel bereikbaar te zijn voor de hond.
TERREIN Kavel van ca 2 Ha (dode slachtoffers) en een kavel van ca 1 Ha (levend slachtoffer).
UITVOERING Het kavel van 2 Ha met de lijken dient men als eerste te doorzoeken. Daarna wordt het kavel van 1 Ha met het levend slachtoffer doorzocht. De lijken of de lijkengeur kan bestaan uit kleding afkomstig van een lijk, chemische lijkengeur of echte lijkengeur. Dit wordt door de selectie commissie bepaald.
TIJD 40 minuten.
AFLEIDING Tijdens het zoeken loopt er een persoon
met aangelijnde hond (geen vechtersbaas) op niet hinderlijke wijze in het
zoekgebied. In het zoekgebied worden verleidingen in de vorm van (mensen)
voedsel aangebracht. De verleiding wordt zodanig aangebracht dat er geen misverstand kan bestaan of
de hond een slachtoffer verwijst dan wel verleiding verwijst. De minimale
afstand tussen een slachtoffer en de verleiding dient 10 meter te bedragen.
VERWIJZEN Blaffen, bringselen, leegverwijzen.
De methode van
verwijzen wordt door de geleider vooraf
aan de begeleidende keurmeester doorgegeven.
ZOEKWERK
HOND
De hond dient temperamentvol, aanhoudend, opgepaste afstand, zelfstandig te zoeken al is het toegestaan dat de geleider de hond een moeilijk begaanbaar gebied instuurt. De hond dient te tonen dat hij in een moeilijk begaanbaar gebied kan werken en dat hij bovendien onder controle van de geleider staat.
Plassen , poepen en of eten van de verleiding
wordt bestraft met het in mindering brengen van punten
bij de gehoorzaamheid. Dit ter beoordeling van de keuringscommissie.
WERKWIJZE
EN UITRUSTING VAN GELEIDER
De geleider zal in de volgende uitrusting moeten verschijnen: Overall,
stevig schoeisel, notitieboekje, kompas, water voor de hond en handschoenen ter
bescherming tegen infectieziekten zoals aids, hepatitus etc.
Voordat de geleider met zoeken
begint dient hij aan de begeleidende keurmeester de voor hem noodzakelijke informatie te vragen.
Aan de hand hiervan dient hij een zoekplan te maken en dit aan de
keurmeester kenbaar te maken. Hij dient tijdens het werk te laten zien dat hij
dit zoekplan ook uitvoert of aan te
geven waarom hij hiervan afwijkt. Het zoekplan en de uitvoering dient aan inzet
eisen te voldoen. Onvoldoende score voor de uitvoering (minimaal 4 van de 6 punten) leidt tot afwijzing van de combinatie.
De geleider zal door zijn manier
van werken duidelijk moeten maken dat hij ruime kennis en ervaring heeft van
het vlakte zoeken en de mogelijkheden van zijn hond kent. Dit zal beoordeeld
worden aan de hand van het zelfvertrouwen
en samenwerking dat het team uitstraalt en aan de hand van de conditie en stressbestendigheid van de
geleider.
VERWIJZEN
Alle slachtoffers moeten gevonden en zelfstandig verwezen
worden!! Honden die aan het slachtoffer snuffelen en/of binnen een straal van
50 cm van het slachtoffer komen moeten dit slachtoffer op de vooraf aan
de keurmeester aangegeven wijze
verwijzen. Gebeurt dit niet dan leidt dit direct tot afwijzen van de
combinatie.
Voordat de geleider op de
verwijzing ingaat moet hij dit aan
de keurmeester duidelijk maken. Nodeloos verwijzen van de hond (bedoeld wordt opnemen bringsel,
blaffen of leegverwijzen) buiten een straal van 5 meter van de geleider en buiten een straal van 5 meter van
het slachtoffer leidt direct (reeds bij de eerste keer) tot afwijzing van de
combinatie.
Nodeloosverwijzen van de geleider leidt direct (reeds bij de eerste keer) tot afwijzing van de combinatie.
Verwijzenvan een verleiding
leidt direct tot het afwijzing van de combinatie.
Rollen, bijten en likken in of aan de lijkengeurbron leidt ook direct tot afwijzing van
de combinatie.
BLAFFEN De hond dient binnen een straal van 2 meter van het
slachtoffer te blijven totdat de geleider bij het slachtoffer is.
BRINGSELEN De hond dient het
bringsel op te nemen en naar de geleider te brengen. Vervolgens dient de hond
de geleider direct naar het
slachtoffer te brengen.
LEEGVERWIJZEN De geleider dient van te voren aan de begeleidende keurmeester duidelijk te maken welk gedrag van zijn hond als verwijzing dient te worden aan gemerkt.
Indien de hond blaffend dan wel middels leegverwijzen verwijst mag
hij geen halsband dragen!
|
PUNTEN HOND: |
|
PUNTEN Geleider: |
|
||||||||
|
1 Temperament |
g |
6 |
|
|
1 Uitrusting |
g |
6 |
|
|
||
|
|
m |
3 |
|
|
|
m |
3 |
|
|
||
|
|
s |
1 |
|
|
|
s |
1 |
|
|
||
|
2 Conditie |
g |
6 |
|
|
2 Probleem analyse |
g |
6 |
|
|
||
|
|
m |
3 |
|
|
|
m |
3 |
|
|
||
|
|
s |
1 |
|
|
|
s |
1 |
|
|
||
|
3 Afstand geleider |
g |
6 |
|
|
3 Conclusie |
g |
6 |
|
|
||
|
|
m |
3 |
|
|
|
m |
3 |
|
|
||
|
|
s |
1 |
|
|
|
s |
1 |
|
|
||
|
4 Zelfstandigheid |
g |
6 |
|
|
4. Uitvoering |
g |
6 |
|
|
||
|
|
m |
3 |
|
|
|
m |
3 |
|
|
||
|
|
s |
1 |
|
|
|
s |
1 |
|
|
||
|
5 Behendigheid |
g |
6 |
|
|
5 Conditie |
g |
6 |
|
|
||
|
|
m |
3 |
|
|
|
m |
3 |
|
|
||
|
|
s |
1 |
|
|
|
s |
1 |
|
|
||
|
6 Gehoorzaamheid |
g |
6 |
|
|
6 Vertrouwen in hond |
g |
6 |
|
|
||
|
|
m |
3 |
|
|
|
m |
3 |
|
|
||
|
|
s |
1 |
|
|
|
s |
1 |
|
|
||
VERWIJZING:
|
|
BRINGSEL |
BLAFFEN |
LEEGVERWIJZEN |
pt |
|
1 |
Zoeken en vinden |
Zoeken en vinden |
Zoeken en vinden |
3 |
|
2 |
Bringsel pakken |
minimaal 2x blaffen |
Naar de geleider en gedrag vertonen |
2 |
|
3 |
Bringsel brengen |
minimaal 4x blaffen |
Geleider herkent het gedrag |
2 |
|
4 |
Laat zien |
aanhoudend blaffen |
Laat zien |
3 |
SCORE:
De minimale puntenscore om te slagen is: Minimaal 6 punten per slachtoffer verwijzing. Minimaal 18 punten voor de beoordeling van de hond. Minimaal 18 punten voor de beoordeling van de geleider. Minimaal 4 punten voor de uitvoering van het zoekplan. Minimaal 2 punten bij het onderdeel gehoorzaamheid.
DOEL Het opzoeken en het verwijzen van een voor de geleider onbekend aantal verstopte personen, variërend van 1 t/m 4, in een puingebied dat de inzetsituatie benaderd.
TERREIN Ongeveer 2000 m2.
TIJD 40 minuten.
AFLEIDING Lawaai dat hoort in een rampgebied.
In het zoekgebied worden verleidingen in de vorm van (mensen) voedsel, kleding die menselijke geur bevat en lijkengeur aangebracht. Deze verleidingen worden zodanig aangebracht dat er geen misverstand kan bestaan of de hond een slachtoffer verwijst dan wel de verleiding verwijst. De minimale afstand tussen een slachtoffer en de verleiding dient 10 meter te bedragen!
VERWIJZEN Blaffen, krabben, indringen.. Of
combinaties van deze drie.
De methode van
verwijzen wordt door de geleider vooraf
aan de begeleidende keurmeester
doorgegeven.
ZOEKWERK
HOND
De hond dient aanhoudend, temperamentvol, op gepaste afstand en zelfstandig te zoeken. De hond dient te
tonen dat hij in staat is op moeilijk
begaanbaar terrein te werken en dat hij bovendien onder controle van de geleider is.
Vindt de geleider een plek waar de
hond een opvallend gedrag vertoont maar niet tot verwijzing komt dan staat hem
toe 1 maal op deze plaats terug te
komen. Hij moet dit melden aan de
begeleidende keurmeester. Plassen , poepen en of eten van
de verleiding wordt
bestraft met het in mindering brengen van punten bij de gehoorzaamheid. Dit ter
beoordeling van de keuringscommissie.
WERKWIJZE
EN UITRUSTING VAN GELEIDER
De geleider zal in de volgende uitrusting moeten verschijnen: Overall,
helm, stevig schoeisel, handschoenen, notitieboekje, lamp, water voor de hond.
Voordat de geleider met zoeken
begint dient hij aan de begeleidende keurmeester de voor hem noodzakelijke informatie te vragen.
Aan de hand hiervan dient hij een zoekplan te maken en dit aan de
keurmeester kenbaar te maken. Hij dient tijdens het werk te laten zien dat hij
dit zoekplan ook uitvoert of aan te
geven waarom hij hiervan afwijkt. Het zoekplan en de uitvoering dient aan inzet
eisen te voldoen. Onvoldoende score voor de uitvoering (minimaal 4 punten)
leidt tot afwijzing van de combinatie.
De geleider zal door zijn manier
van werken duidelijk moeten maken dat hij ruime kennis en ervaring heeft van
het puinzoeken en de mogelijkheden van zijn hond kent. Dit zal beoordeeld
worden aan de hand van het zelfvertrouwen
en samenwerking dat het team uitstraalt en aan de hand van de conditie en stressbestendigheid van de
geleider.
VERWIJZEN
De slachtoffers moeten
gevonden en zelfstandig verwezen worden. Honden die binnen een straal
van 50 cm van het slachtoffer komen moeten
dit slachtoffer op de vooraf aan de keurmeester aangegeven wijze verwijzen. Gebeurt dit niet dan leidt dit direct
tot het afwijzen van de combinatie.
Voordat de geleider op de
verwijzing ingaat moet hij dit aan
de keurmeester duidelijk maken. Pas na een
teken van de keurmeester mag de geleider op de verwijzing ingaan. De
geleider zal vervolgens samen met de hond moeten komen tot een plaats
waar de meeste geur uittreedt. Pas nadat hij deze plaats heeft
aangegeven mag hij de hond belonen.
Nodeloos verwijzen buiten
een straal van 2 meter van de geleider en
buiten een straal van 2 meter van het slachtoffer is foutief en leidt tot
afwijzing van de combinatie.
Verwijzen van een verleiding leidt direct tot afwijzing van de combinatie.
BLAFFEN De hond dient binnen een straal
van 1 meter van het slachtoffer aanhoudend te blaffen totdat de geleider bij
het slachtoffer is.
KRABBEN De hond dient binnen een
straal van 1 meter van het slachtoffer aanhoudend te krabben totdat de geleider
bij het slachtoffer is.
INDRINGEN De hond dient binnen een
straal van 1 meter van het slachtoffer duidelijk
(voor de keurmeester!!) te laten zien dat hij zich naar het slachtoffer wil
toe werken!
|
PUNTEN HOND: |
|
PUNTEN GELEIDER: |
|
||||||||
|
1 Temperament |
g |
6 |
|
|
1 Uitrusting |
g |
6 |
|
|
||
|
|
m |
3 |
|
|
|
m |
3 |
|
|
||
|
|
s |
1 |
|
|
|
s |
1 |
|
|
||
|
2 Conditie |
g |
6 |
|
|
2 Probleem analyse |
g |
6 |
|
|
||
|
|
m |
3 |
|
|
|
m |
3 |
|
|
||
|
|
s |
1 |
|
|
|
s |
1 |
|
|
||
|
3 Afstand geleider |
g |
6 |
|
|
3 Conclusie |
g |
6 |
|
|
||
|
|
m |
3 |
|
|
|
m |
3 |
|
|
||
|
|
s |
1 |
|
|
|
s |
1 |
|
|
||
|
4 Zelfstandigheid |
g |
6 |
|
|
4. Uitvoering |
g |
6 |
|
|
||
|
|
m |
3 |
|
|
|
m |
3 |
|
|
||
|
|
s |
1 |
|
|
|
s |
1 |
|
|
||
|
5 Behendigheid |
g |
6 |
|
|
5 Conditie |
g |
6 |
|
|
||
|
|
m |
3 |
|
|
|
m |
3 |
|
|
||
|
|
s |
1 |
|
|
|
s |
1 |
|
|
||
|
6 Gehoorzaamheid |
g |
6 |
|
|
6 Vertrouwen in hond |
g |
6 |
|
|
||
|
|
m |
3 |
|
|
|
m |
3 |
|
|
||
|
|
s |
1 |
|
|
|
s |
1 |
|
|
||
PUNTEN
VERWIJZING:
|
|
PUIN |
pt |
|
1 |
Zoeken en vinden |
3 |
|
2 |
Vooraf opgegeven verwijzing tonen |
3 |
|
3 |
Lezen hond |
2 |
|
4 |
Verstek uitwerken tot bij slachtoffer |
2 |
PUNTENSCORE:
De minimale puntenscore om te slagen is: Minimaal 6 punten per slachtoffer. Minimaal 18 punten voor de beoordeling van de hond. Minimaal 18 punten voor de beoordeling van de geleider. Minimaal 4 punten voor de uitvoering van het zoekplan. Minimaal 2 punten bij het onderdeel gehoorzaamheid.
DOEL:
Het lokaliseren en het verwijzen van een of twee drenkelingen in een
watergebied. De drenkelingen mogen niet in het zicht van de geleider of de hond
liggen zij dienen echter wel, tot op zekere hoogte, lokaliseerbaar te zijn voor
de hond.
DRENKELINGEN:
In het watergebied dat doorzocht dient te worden zijn een of
twee “surrogaat” drenkelingen aanwezig. Dit ter beslissing van de
keuringscommissie. De geurbron van de drenkelingen kan
komen van Pseudo-geur van Sigma (waterzoeken) of echte lijkengeur.
AFLEIDING:
In het watergebeid dat doorzocht dient te worden zijn verleidingsgeuren
HET EXAMEN WATERZOEKEN
Het examen bevat twee onderdelen:
- Zoekactie aan de waterkant. Duur ongeveer 30 minuten..
-Zoekactie vanuit de boot, naar een onbekend aantal, dieper
gelegen drenkelingen. Duur ongeveer 45 minuten.
BEOORDELING
A.
ZOEKWERK HOND:
De hond dient temperamentvol,
aanhoudend en geconcentreerd, zelfstandig te zoeken naar de drenkelingen.
Tijdens het zoeken is het toegestaan dat de geleider de hond beperkt aanmoedigt.
Plassen , poepen en of eten van de verleiding wordt
bestraft met het in mindering brengen van punten bij de gehoorzaamheid. Dit ter
beoordeling van de keuringscommissie. Onvoldoende score voor gehoorzaamheid (minimaal
2 van de 6 punten) leidt tot afwijzing van de combinatie.
B.
WERKWIJZE EN UITRUSTING VAN GELEIDER:
De geleider zal in de volgende uitrusting
moeten verschijnen: Gepaste kleding, laarzen, onderzoekshandschoenen,
notitieboekje, zwemvest, en een bevestigingsmogelijkheid voor de hond tijdens
het zoeken met behulp van de boot. Voordat de geleider met zoeken begint dient
hij aan de keurmeester de voor hem noodzakelijke informatie te vragen.
Aan de hand hiervan dient hij een zoekplan
te maken en dit aan de keurmeester kenbaar te maken. Hij dient tijdens het werk
te laten zien dat hij dit zoekplan ook
uitvoert of aan te geven waarom hij hiervan afwijkt. Het zoekplan en de
uitvoering dient aan inzeteisen te voldoen. Onvoldoende score voor de uitvoering
(minimaal 4 van de 6 punten) leidt
tot afwijzing van de combinatie.
De geleider zal door zijn manier van werken duidelijk moeten maken dat
hij ruime kennis en ervaring heeft van het waterzoeken en de mogelijkheden van
zijn hond kent. Dit zal beoordeeld worden aan de hand van het zelfvertrouwen en samenwerking dat het team uitstraalt en aan de
hand van de stressbestendigheid van de geleider.
C.
VERWIJZEN:
Alle in het zoekgebied aangebrachte drenkelingen moeten gevonden en zelfstandig
verwezen worden. Honden die binnen een straal van 5 meter van de
drenkeling komen moeten dit
slachtoffer op de vooraf, aan de
keurmeester aangegeven wijze verwijzen. Gebeurt dit niet dan leidt
dit onmiddellijk tot afwijzing van de
combinatie.
Voordat de geleider op de verwijzing ingaat moet
hij dit aan de keurmeester duidelijk maken. Nodeloos verwijzen van de hond
buiten een straal van 20 meter van de drenkeling leidt tot afwijzing van
de combinatie. De gegeven afstanden kunnen variëren door de omstandigheden. Een
en ander ter beoordeling van de keuringscommissie.
Nodeloos verwijzen door de geleider
leidt ook tot afwijzing van de combinatie.
Verwijzen van een verleiding leidt tot
afwijzing van de combinatie.
BLAFFEN: De hond dient binnen een straal van 5 meter van de
drenkeling aanhoudend te blaffen totdat de geleider bij de drenkeling is
gearriveerd of totdat duidelijk is waar de drenkeling zich bevindt.
KRABBEN: De hond dient binnen een straal van 5 meter van de
drenkeling aanhoudend te krabben (aan de waterkant of op de boot) totdat de
geleider bij de drenkeling is gearriveerd of totdat duidelijk is waar de
drenkeling zich bevindt.
INDRINGEN: De hond dient binnen een straal van 5 meter van de
drenkeling duidelijk (voor de
keurmeester) te laten zien dat hij zich naar de drenkeling toe wil werken.
(Duidelijk waarneembare drang om te water te gaan of te duiken)
LICHAAMSTAAL: De hond dient binnen een straal van 5 meter van de
drenkeling duidelijk (voor de keurmeester) te laten zien dat hij de drenkeling heeft
gelokaliseerd. De intensiteit van de lichaamstaal dient duidelijk toe te
nemen naarmate de hond dichter bij de geurbron komt. De geleider dient van te voren
aan de keurmeester mede te delen welk gedrag de hond zal gaan tonen. Dit
gedrag zal door de keurmeester tijdens de zoekactie herkend moeten
worden.
MELDEN VERWIJZING:
Indien de hond naar
mening van de geleider verwijst dient de geleider dit te melden aan de
keurmeester. De keurmeester zal hem vervolgens vragen om samen met zijn hond de
plaats aan te geven waar gezocht dient te worden. Pas nadat deze plaats is
aangewezen mag de geleider zijn hond belonen. Het belonen mag geen voedsel zijn.
Geleiders die zich
ongedisciplineerd gedragen zullen van verdere deelname aan het examen
uitgesloten worden.
PUNTEN
HOND: |
|
PUNTEN
GELEIDER: |
|
||||||||
|
1
Temperament |
g |
6 |
|
|
1
Uitrusting |
g |
6 |
|
|
||
|
|
m |
3 |
|
|
|
m |
3 |
|
|
||
|
|
s |
1 |
|
|
|
s |
1 |
|
|
||
|
2
Vasthoudendheid |
g |
6 |
|
|
2
Probleem analyse |
g |
6 |
|
|
||
|
|
m |
3 |
|
|
|
m |
3 |
|
|
||
|
|
s |
1 |
|
|
|
s |
1 |
|
|
||
|
3
Lokaliseren |
g |
6 |
|
|
3
Conclusie |
g |
6 |
|
|
||
|
|
m |
3 |
|
|
|
m |
3 |
|
|
||
|
|
s |
1 |
|
|
|
s |
1 |
|
|
||
|
4
Zelfstandigheid |
g |
6 |
|
|
4.
Uitvoering |
g |
6 |
|
|
||
|
|
m |
3 |
|
|
|
m |
3 |
|
|
||
|
|
s |
1 |
|
|
|
s |
1 |
|
|
||
|
5
Gedrag op boot Behendigheid
kant |
g |
6 |
|
|
5
Stressbestendigheid |
g |
6 |
|
|
||
|
|
m |
3 |
|
|
|
m |
3 |
|
|
||
|
|
s |
1 |
|
|
|
s |
|||||